donderdag 22 januari 2015

Zeehonden en sterren

Lucie moest naar een klant van de tuinclub en vroeg of ik meewilde.

Het bleek dat er vanuit het raam van die mevrouw een mooi uitzicht was op bevroren water met zeehonden. en uiteraard wil ik als bioloog dat dan wel eens zien.

En inderdaad. Er waren een heleboel zeehonden op het ijs. En wat bleek, ze waren daar gekomen om de jongen. Er waren dan ook een heleboel jonkies te zien. Mooie witte vacht. Gelukkig geen mensen met knuppels om van hun vacht een bontjas te kunnen maken. Het was een mooi gezicht om te zien hoe die jonkies dronken bij de moeder.

Er waren ook whiteheaded eagles en raven op het ijs. Die zaten duidelijk in afwachting van betere tijden. De suggestie was dat dat voor de nageboortes was, omdat die zo voedzaam zijn. Ikzelf denk meer dat het was om de ogen uit te pikken bij de jonkies. Tenminste, daar staan kraaien om bekend bij lammeren en ik denk dat raven net zo erg zijn. Waar de eagles op zaten te wachten weet ik niet zeker, misschien op een zwak exemplaar.

Helaas was de volgende dag er grote dooi en was al het ijs weg. Nu moeten de jongen de eerste tijd rustig de tijd hebben om uit het water te zijn, dus ik ben benieuw hoeveel het overleefd hebben.

Vanavond is het erg helder en komen de sterren goed uit. Je ziet er hier beduidend meer omdat er practisch geen lichtvervuiling is. Ik heb geprobeerd om er foto's van te maken, maar ik ken mijn camera niet goed genoeg en weet ook niet welke instellingen ik het beste kan gebruiken. Dat wordt dus toch maar een handleiding opzoeken en lezen. En vervolgens hopen dat er nog een gelegenheid komt om het uit te proberen.

Liesbeth

dinsdag 20 januari 2015

Boodschappen op zijn Canadees

Romke had me een boodschappenlijstje meegegeven. Of ik alsjeblieft maple syrup mee terug wilde nemen. Tuurlijk, doen we.

Gelukkig had Lucie ook nog wat boodschappen te doen voor haar verjaardag. Dus gingen Dirk en ik met de auto naar de winkel. Daar aangekomen blijkt dat hij zijn klantenkaart vergeten is en zonder klantenkaart kom je er niet in.

Dirk naar de klantenservice. "Ik ben hier en mijn klantenkaart is 150 kilometer verderop. Kunnen jullie me helpen?"  Geen enkel probleem, hij krijgt een klantenkaart voor een dag en we kunnen naar binnen.

Wow, wat een winkel. De Makro is er niets bij. We gaan elk gangpad af omdat ik zo graag wil weten wat er allemaal te koop is. Allerlei tv's, keukengereedschap, tuimmeubels, kleding, brillen, kinderspeelgoed en boeken. Maar, waar we eigenlijk voor kwamen, de boodschappen, hebben ze gelukkig ook. Wel voornamelijk houdbaar spul op het vlees en het brood na. Qua groenten en fruit hebben ze beduidend minder keus. Melk gaat in 4 liter pakken. Er zijn zelfs bloemen.  En er is ook vis en zeefruit.

En bij elk gangpad in het gebied met de etenswaren is er een stalletje waar je iets kan proeven, light muffins, frozen cherries, tomatosoup, chips met een garlic dip, oatmeal, ... En al die mensen bij het stalletje lijken ook in de winkel te werken, weten waar je zaken kan vinden en denken met je mee. In Nederland zijn dat over het algemeen uitzendkrachten die voor de fabrikant van het product werken en verder niets met de winkel hebben. Ik vind dit toch een stuk plezieriger. Ze zijn ook niet zo opdringerig om je het spul te verkopen.

Enfin, op het eind van onze tocht door de winkel hadden we twee Amerikaans grote winkelwagens die uitpuilden van de boodschappen maar waar ook 4 weken mee gedaan zou worden. Dat is maar goed ook, want het was anderhalf uur rijden, enkele reis.

Groet,
Liesbeth

Trekkertje rijden

De oprit van 150 meter was helaas niet sneeuwvrij gehouden toen Dirk een weekje niet thuis was. Dat wordt dus vastgereden en verandert in ijs. Niet goed als er klanten komen en die krijgen een ongeluk. Dan bij jij aansprakelijk. Er moest dus zout gestrooid.

Zout strooien klinkt simpel en is het ook. Ware het niet dat de zak 25 kilo weegt en die oprit zo verrekte lang is. Gelukkig hebben ze hier een mooie voorlader van anderhalve ton die simpel te bedienen is. Er is een pedaal voor vooruit, een pedaal voor achteruit, een hendel met een haas en een schildpad erop en nog een paar hendels voor de voorlader en nog zo wat zaken.

Dirk in de voorlader met de zak zout en ik achter het stuur en karren maar. Wel voorzichtig en langzaam rijden, geen abrupte optrek- of stopbewegingen maken anders zou Dirk op de grond liggen. De eerste 150 meter gaan goed. Maar dan komen we bij de weg en moet ik keren. Wat heeft die trekker een kleine draaicirkel. Ik hoef maar een keer te steken.

Terug ga ik van links naar rechts over de oprit. Dirk kijkt angstig achterom omdat hij denkt dat de trekker aan het schuiven is. Gelukkig is dat dus niet het geval. Ik probeer alleen maar zoveel mogelijk van het zout er goed in te rijden.

Dan nog het stuk achter het huis waar de klanten van hun auto naar de deur glibberen. Daar moet veel meer gekeerd en gedraaid worden. En we hebben nog wat zout over dus ik mag nog een keer de oprit op en neer met Dirk in het bakje.

Dan is de pret alweer voorbij en moet ik achteruit inparkeren voor de schuur.

Als het nog gaat sneeuwen voor ik weer weg ben mag ik ook met de sneeuwblazer spelen.

Liesbeth

zondag 18 januari 2015

- 18 graden Celsius, gevoelstemperatuur -31

In Nova Scotia hebben ze tenminste nog een echte winter. Sneeuw, wind, vrieskou. Heel erg handig als je wilt kijken of je spullen wel tegen wat kou bestand zijn (en jijzelf er ook tegen kan). Al helemaal als je daar een zus hebt wonen en dus naar binnen kunt vluchten als het minder goed gaat dan je hoopt.

Kort samengevat, ik heb net een uur buiten in de sneeuw gelegen om te kijken hoe koud ik zou worden.

En daar komt meer bij kijken dat dat ik van te voren dacht.

Het was wel spannend. Eerst maar even plassen om te zorgen dat ik niet hoef als ik net in de slaapzak lig. Eerst even op mijn slaapkamer rustig uitproberenom te zien hoe het werkt zonder honden en katten in de buurt. Ja, ik vind het wel een beetje spannend.
Ik had wel gezien dat het vandaag -18 was en de komende dagen veel warmer, dus ik moet echt nu uitproberen anders weet ik niet of er nog een kans komt. Gelukkig had ik de gevoelstemperatuur niet gezien.

Met alleen mijn zomerwandelbroek (zonder thermo-ondergoed), geen oranje warmtesokken, wel mijn wandelsokken, wel mijn blauwe winterthermotrui, fleecevest, muts en binnenwanten ga ik naar buiten. Eerst de zak neerleggen, naar binnen voor het matje en de slaapzak. Slaapzak er vast in tegen het wegwaaien, matje uit zijn hoes proberen te krijgen met wanten aan. Dat gaat niet zo makkelijk.
Mijn gezicht wordt al erg koud.
Knielen op de grond om het matje in de bivakzak te doen. Het knielt toch warmer als je je buitenwanten onder je knieen doet.
Matje uitrollen en blazen maar, want ik heb geen tijd om te wachten tot het zichzelf opgeblazen heeft.
Adem in, adem uit. Het inademen doet pijn aan de neus en mijn gezicht wordt nu toch echt koud maar mijn matje wordt opgeblazen.

Hoe doe je dat nu met je schoenen? Gelukkig had ik ze niet geveterd toen ik naar buiten ging.
Toch maar eerst mijn slaapzak uit zijn zakje halen. Dat gaat makkelijker dan het matje.
Waar zit het begin van de rits? Jakkie, wat is het lastig om dat beginnetje met wanten aan te doen. Gelukig, ook gelukt. Nu naar binnen kruipen en uit mijn schoenen kruipen. Je merkt meteen dat je uit de wind gekomen bent.

Waar laat ik die schoenen? Als ze buiten blijven bevriezen ze, kunnen ze volsneeuwen en/of ondersneeuwen. Mee naar binnen dan maar, maar wel eerst de sneeuw er zo goed mogelijk afhalen. Hoe zou dat met skischoenen gaan? Al helemaal als ze vastvriezen aan de bindingen?

Ik duik gauw mijn slaapzak in, doe behalve mijn muts ook mijn capuchon op om te zorgen dat de muts beter zijn werk kan doen en mijn nek beter beschermd is en merk dat ik al dooie vingers begin te krijgen.

O, ik ben vergeten het voeteneind dicht te trekken en daar komt de wind vandaan. Gauw maar even doen. Er zou aan de bovenkant ook een koortje moeten zitten. Ja, maar dat trekt veel lastiger dicht. Dat gaat minder ver en/of makkelijk dan ik dacht.

Het begint te sneeuwen. Dus moet ik zorgen dat de bovenkant verder uitsteekt dan de onderkant zodat het niet in kan sneeuwen.

Eindelijk, ik kan liggen en beginnen met mijn vingers op te warmen. Dat gaat gelukkig snel en voor de rest is er niets te doen. Ik lig warm en comfortabel.

Dan komt Lucie met de hond (aan de lijn gelukkig) langs om te zeggen dat ze een stukje gaat wandelen en dat ik er nog niet uitzie alsof ik het koud heb. Klopt. Maar door die nog geen 5 minuten mijn hoofd optillen en dus een grotere ingang hebben waar mijn handen in liggen kan ik wel opnieuw beginnen mijn handen op te warmen.

Het is mooi om naar buiten te kijken, zonnebril op tegen alle sneeuwglinsters. De polaroid werkt goed. Of het UV-filter ook werkt kan ik niet zien.

Uiteindelijk heb ik een uur buiten gelegen toen ik het wel welletjes vond.

Slaapzak uit en in zijn propzakje, vooral niet proberen om de rits weer helemaal los te maken. Je merkt wel dat het matje veel kouder aanvoelt dan wanneer je in je slaapzak ligt. Dan de bivakzak uit, schoenen aan en knielen op de buitenwanten.
Proberen het ventiel van de thermarest open te krijgen. Lukt niet. Balen. Zit waarschijnlijk vastgevroren.
Dan maar de hele bivakzak met inhoud naar binnen sjouwen en wachten tot het ontdooid is. Als ik voor het echies buiten ga slapen is het dus slimmer om een gewoon schuimplastic matrasje te nemen.

Even achter me gekeken om te zien hoe groot de smeltplek is waar ik gelegen heb. De sneeuw is wel platgedrukt maar niet gesmolten. Goed, er wordt duidelijk geisoleerd.

Wel zit er veel condens aan de binnenkant van de bivakzak. Ik ben benieuwd hoe dat gaat als ik de hele nacht buiten slaap. Want ik ben van plan dat vannacht te gaan doen. En dan iets verder uit de buurt van het huis. Dat geeft 3 verschillen, de zon schijnt niet meer op de bivakzak en de luwte van het huis voel ik dan niet meer en de ondergrond in dan echt sneeuw dus beter isolerend dan een aangestampte aarden ondergrond met een dun laagje ijs en sneeuw.

zondag 9 september 2012

Studeren in het buitenland

En dan heb je opeens een kind dat wil gaan studeren in het buitenland, IJsland nog maar liefst.

Als ouder heb je dan een hoop uit te zoeken. Stelt die studie daar wat voor, wordt het diploma hier erkent, mag je de studiefinanciering meenemen? En zo voorts, en zo verder.

Dus eerst maar eens googlen naar welke instanties over buitenlandse diploma's gaan. Het nuffic geeft richtlijnen in zijn algemeenheid, de Duo mag daar vervolgens naar eigen inzicht van afwijken. De internationale diplomawaardering (IDW) doet waardering. En wat is de relatie met erkenning? En welke van de twee is de belangrijkste? Of moet je zowel erkenning als waardering hebben?

Eerst maar eens naar alle instanties bellen. Dan krijg je overal te horen: "Laat uw dochter maar met haar diploma komen, eerder kunnen we niets zeggen." Dus je moet eerst drie jaar tijd en geld over de balk gooien voor je weet of je er iets voor terug krijgt. Voor je weet of de stufi een lening of gift is, voor je weet of je voor niets al die moeite erin gestopt hebt.

Alle instanties nog maar eens bellen. Per slot kan je nu iemand aan de telefoon krijgen die wel meedenkt. En inderdaad, bij het zevende telefoontje krijg ik een mevrouw die snapt dat je van te voren wilt weten of iets van voldoende niveau is. Maar die kan me helaas zelf echt niets vertellen. Gelukkig weet ze wel de naam en het telefoonnummer van de persoon die de IJslandse diploma's moet waarderen en die geeft ze ook nog. Eindelijk een doorbraak.

De betreffende persoon gebeld. Daar in eerste instantie weer hetzelfde verhaal. Nee, er kan niets gezegd worden voor het diploma gehaald is. Bovendien is het een dienst die gratis is voor universiteiten, maar waar particulieren voor moeten betalen, dus er kan echt niets gezegd worden. Nog eens uitleggen dat we graag voor we toestemming geven voor een studie in IJsland we eerst willen weten of het wel op voldoende niveau is, wordt er een beetje meegedacht. Ja, de beta-studies staan goed aangeschreven, maar de studie moet natuurlijk wel overeen komen met de studie hier. Dat wordt dus vakken vergelijken.

Eigenlijk weten we nu dus nog niets. Over internationalisering gesproken.

Liesbeth

vrijdag 31 augustus 2012

IJsland

Hoewel we naar Noorwegen hadden willen gaan, besloten we vanwege blessureleed toch maar een makkelijker wandelland uit te zoeken. En omdat Jitske eraan zit te denken om in IJsland te studeren leek dat een logische keus. Gaat het wandelen goed, dan gaat dat prima. Gaat het wandelen minder, dan is er altijd nog de ringweg en de bus.

Eerst maar bij de kinderen polsen hoe die er tegen over stonden en wat die wilden in de vakantie. Ja, het is nog steeds zo (hoewel ze ouder zijn) dat als de kinderen het naar hun zin hebben, de ouders ook vakantie hebben. Jitske en Romke wilden wel wandelen maar ook cultuur doen. Alleen dan meer dan een dag aan het begin, een dag tussendoor en een dag op het eind.

We zijn dus begonnen met drie dagen Reykjavik. Lekker de stad zien, een rondleiding op de universiteit en voor Jitske een les IJslands meelopen om te zien of dat wat voor haar was.

Daarna natuurlijk Geysir, Gullfoss en Þingvallir. We zijn echte toeristen geworden. De drukte daar viel gelukkig mee ondanks het feit dat het toeristenseizoen begonnen was. De drukte viel trouwens overal mee. We hadden gehoord dat sinds ons vorige bezoek, 20 jaar geleden, de toeristenaantallen behoorlijk gestegen waren. Maar bij alle toeristische attracties was het lekker rustig.

Wat opviel was dat er nergens eettentjes bij die attracties waren,  noch vervuiling. Wat dat betreft is IJsland toch duidelijk een scandinavisch land.

Toen een wandeltocht van 5 dagen aan de zuidkant van de Langjökell. Het had zo lang niet geregend dat er stofstormen waren en alle regenrivieren droogstonden. We waren dus gedwongen om onze tocht om te gooien zodat we langs gletsjerrivieren liepen om verzekerd te zijn van water. Maar wat een rust en ruimte. Heerlijk.

Daarna twee dagen bussen naar Akuryri, een dagje stad, een dag bussen naar Husavík, een walvissafari waar we 5 bultruggen zagen en nog een wandeltocht van Ásbergi via Dettifoss en Kraftla naar Myvatn. Daar hadden we geen water onderweg en moesten we dus alles meesjouwen. En al die tijd mooi weer.

Na Myvatn regende het twee dagen, maar toen zaten we toch weer in de bus. Op de camping van Vik was het stralend weer en hebben we lekker gewandeld. En daarna weer op huis aan, helaas.

Toch is het grappig, dat als je weet dat een kind er wil studeren je heel anders naar zo'n land kijkt. Bijna alsof je er zelf gaat wonen. Je kijkt naar het soort huizen, hoe de mensen met elkaar omgaan, wat er anders/beter/.. is dan je dacht. De verschillen en overeenkomsten met Noorwegen en Nederland, etc.  Jitske weet nu veel beter wat het zou betekenen als ze daar naar toe gaat.

woensdag 13 juni 2012

OV-chipkaart

Romke had een eigen kortingkaart nodig. En omdat zijn OV-chipkaart 5 jaar oud was, en dus verviel kochten we een NS-abonnement met OV-chipkaart.
Keurig op tijd werd alles afgeleverd.

Inlog maken op OV-chip, registreren, automatisch opladen erop zetten, checken of dat goed gaat. In en uit checken bij de metro. Dat gaat ook.

En dan, op het moment sûpreme, als Romke echt bij de NS in moet checken om te kunnen reizen, wordt de OV-chipkaart opeens niet meer herkend. Het is niet dat hij zegt dat er geen saldo opstaat oid. Nee, het apparaat heeft niet eens door dat er een OV-chipkaart voor gehouden wordt.

Op internet kijken wat je moet doen in zo'n geval. Niet echt duidelijk. Dan maar bellen naar het klachtennummer. Die zeggen dat we de stukke kaart naar hun op moeten sturen, dan krijgen we een nieuwe. De kosten die we in de tussentijd moeten maken zullen vergoed worden.

In de tussentijd staat op het nieuws dat er duizenden OV-chipkaarten met een foute chip geleverd zijn. Romke heeft dus gewoon pech gehad en was een van de duizenden.

Na enige tijd hebben we de nieuwe kaart, met het NS-abonnement erop, in huis. Alleen moeten we nu veel moeilijker doen om automatisch opladen er weer op te krijgen. In plaats van dat we dat als bestelling op kunnen halen bij de automaat, moeten we nu met een brief naar een loket van een openbaar vervoer bedrijf en een legitimatie. Dat duurt nog wel even. Maar uiteindelijk is dat geregeld.

Dan nog de ekstra kosten terug zien te claimen. OV-chip reageert niet op de brief die ik ze stuur. Dan maar bellen. Nee, die brief hebben ze nooit gezien, of ik het kan mailen. Ik mailen. Voor de NS-reizen moet ik bij de NS zijn krijg ik terug. Konden ze dat dan niet al in februari vertellen toen ik voor het eerst contact met ze had. Terug mailen dat ik de claim voor de extra anonieme kaart die we aan hebben moeten schaffen wel bij hun neer leg. Krijg ik opeens antwoord dat ze nagegaan hebben hoe het kwam dat de oude kaart stuk gegaan was, en dat dat aan de NS lag en dat ik daarvoor dus ook naar de NS moet. Fijn dat ze dat uit zichzelf even meldden, zonder dat ik er nog eens achter heen hoefde.

De NS gebeld. Ja, als ik de kaartjes opstuur zal ik binnen 3 weken het geld terug gestort krijgen op mijn rekening. Hoera, ze denken mee. Het bericht dat ik de kaart zelf ook bij hun moet declareren komt pas na dit telefoontje, maar met een print van die mail bij de treinkaartjes en de brief hoop ik van harte dat de NS dat ook meteen in orde maakt zonder gezeur.

Nu, 4 weken later, ik sta op het punt om te bellen waar het beloofde geld blijft. Er komt post van de NS. Alles wordt toegekend, dus ook de aanschaf van de anonieme OV-cipkaart en binnen drie weken zal het op onze rekening staan. Als dat zo is, dan zullen we begin juli het geld terug hebben van iets dat begin februari speelde. En heb ik bijna geen idee meer van hoeveel tijd, mails en telefoons mij dit gekost heeft. In ieder geval beduidend meer dan de ekstra kosten omdat we geen chipkaart en geen abonnement hadden.

groetjes,
Liesbeth