zondag 22 augustus 2021

Hardangervidda west 2021

Vorig jaar hadden we een mooie tocht gepland op de Hardangervidda. De eerste golf was voorbij en Noorwegen weer toegankelijk voor toeristen. Dus wij plannen voor het eind van de zomervakantie een tocht. Helaas kwam de tweede golf en ging Noorwegen weer op slot....
Toen dit jaar Noorwegen weer van slot ging durfden we dan ook niet te hopen dat het nu wel echt door zou gaan. We gingen door de bewegingen van de voorbereidingen, boodschappen, schoenen poetsen, brander testen, QR code regelen, aan conditie werken,... zonder dat we voorpret durfden te hebben. Pas als we in Bergen het vliegveld verlieten zouden we het echt kunnen geloven. Dan zou hooguit het probleem kunnen ontstaan dat we Nederland niet meer inkonden maar daar hebben we geen problemen mee;-)

Twee jaar geleden waren we begonnen met een weekendje in een huisje in Utne. Dat was heel goed bevallen als overgang tussen de drukke randstand en werk naar de leegte van de Hardangervidda en de afwezigheid van mensen en hun maaksels. Dit jaar waren we weer welkom daar. Zelfs zo welkom dat we opgehaald werden op het vliegveld. Een goed begin van een verwenvakantie.

Het voordeel van opgehaald worden met een auto is dat je tussendoor kunt stoppen en uitstappen om dingen te bekijken die je vanuit de bus niet zou zien. Ook omdat Hanneke speciaal een route reed die anders was dan de busroute die we de vorige keer genomen hadden. We hebben het geboortehuis van Grieg bekeken (van buiten), een mooie waterval (die duidelijk last had van de droogte) en een stukje van een kunstwerkenroute. Die droogte was overal te zien in de kleuren van de velden, de lege rivierjes en de brandwaarschuwingen die voor de Hardangervidda golden. We wisten dan ook niet of we tijdens onze tocht wel voldoende water zouden kunnen vinden om te kunnen trekken. Dat was ons in IJsland al eens overkomen.

Bij Hanneke was het heel gezellig en net als twee jaar geleden een uitstekende overgang. Martijn heeft die benut door lekker met zijn handen bezig te zijn

en ik door met een migraineaanval in bed te liggen. Hanneke houdt van koken en wij van eten, dus dat kwam goed uit.
En na zo'n lekker weekend slaap je natuurlijk uit om pas de middagboot naar Kinsarvik te nemen ipv de vroege boot van 7 uur. Dat houdt wel in dat je pas in de middag begint met lopen. Geukkig blijft het zo lang licht dat dat geen probleem vormt. We konden dus in Dyranut eerst nog rustig een kop koffie met lapper nemen. Die energie die daarin zat (zeker met de jam en de rømme) zouden we wel gaan verbranden. Per slot woog Martijn's rugzak rond de 20 kilo en die van mij rond de 16 en zijn wij plattelanders geen stijgingen en dalingen gewend, laat staan losse keien, rotsblokken, (niet) doorwaadbare riviertjes, etc.

Het was verbazend hoe normaal eea overkwam. Alsof we gisteren nog gewandeld hadden in Noorwegen, alsof Covid-19 nooit bestaan had, alsof alles nog bij het oude was. Toch bleken er tijdens de tocht verschillen. Er waren veel meer Noren die kampeerden ipv in hutten te overnachten. Er waren bijna geen buitenlandse toeristen. Je was niet welkom in de DNT-hutten tenzij je gereserveerd had, ook niet voor een dagsbesøk. En dat terwijl er in DNT-hutten het uitgangspunt heerst dat iedereen altijd terecht moet kunnen. En de plaatsen waar we wel binnen mochten stonden de handontsmetters gereed. Ook hier bacteriedodend tegen een virus. Het werken aan de conditie heeft zijn vruchten afgeworpen (is dat geen samentrekking van een paar uitdrukkingen?). De eerste dag gingen we al om 20:00 uur slapen en de volgende dagen zodra de tent stond (rond een uur of drie/vier) gingen we ook even een tukje doen voor het eten koken om meteen daarna weer in onze slaapzak te kruipen. Pas na de eerste vijf dagen of zo werd het tegen 10 uur 's avonds voor we gingen pitten. Maar behalve een slaapachterstand inhalen hebben we geen last gehad van spierpijn, blaren, drukplekken van rugzakken en ander ongemak. We hadden wel gemak van de riviersokken van Martijn en de teenschoenen van mij bij het oversteken van een riviertje.

De eerste vijf dagen was er redelijk wat regen, driezel/buien/hoosbuien/driezel/droog/driezel/hoosbuitje/droog/... waardoor we gelukkig water genoeg konden vinden en ook niet zo bang hoefden te zijn om een veenbrand te veroorzaken met onze benzinebrander. Na die eerste dagen werd het droog en gelukkig niet zo warm. Ideaal wandelweer.De wolken trokken op toen we Hårteigen over de schouder passeerden. Dat gaf mooie uitzichten.

Het eerste deel van de tocht, Dyranut, Hedlo, Hadlaskard, Hårteigen, Litlos was gelijk aan de tocht van vorige keer. Alleen zijn we toen vanuit Litlos naar het zuiden gegaan om met een omweg bij Haukeliseter uit te komen. Dat was toen wel schrikken om meteen in een grote hut aan een drukke weg te eindigen. Deze keer gaan we van Litlos weer richting noorden. Besso, Sandhaug, Stigstuv, Halne. Eigenlijk hadden we de Halne Kongen willen nemen van Sleipa naar Halne, alleen was dan de kans beduidend kleiner dat we de bus haalden die ons naar Bergen zou moeten brengen.

In Halne waren we zo vroeg dat we nog mee konden doen met het ontbijt. We hebben Hanneke's aanbod dat als er iets was we haar konden bellen gelukkig niet nodig gehad. Ook bleek vervolgens dat de bus wachtte op de Halne Kongen die met vertraging aankwam. Hadden we dus toch de boot kunnen nemen. Weetje voor de volgende keer. Daarna met de nodige overstappen naar Bergen waar we de laatste nacht in een hotel "sliepen". Het was vrijdagavond en duidelijk uitgangsavond in het centrum. Dat ging tot een uur of vier door om aansluitend de schoonmaakploeg te horen werken. Noorwegen is duidelijkeen groen land. Zaterdag weer terug in Nederland, boodschappen doen, wasje draaien, landen. Zondag verder opruimen en landen. Maandag zat ik achter mijn bureau en vroeg ik me af wat ik daar in vredesnaam deed. Ik voelde me een alien na twee weken buiten zijn en alle dagcijfers en ontwikkelingen niet gelezen te hebben. Helaas was het dinsdag alweer gewoon.